In 2023 is een nieuw besluit van de Vlaamse regering tot vaststelling van de minimale voorwaarden van de rechtspositieregeling van de medewerkers van de lokale besturen in werking getreden. De Vlaamse regering legt met de nieuwe rechtspositieregeling meer autonomie bij de lokale besturen om een modern en wervend personeelsbeleid op maat mogelijk te maken.
De rechtspositieregeling (RPR) is het geheel van regels dat de arbeids- en rechtspositie van de medewerkers van een lokaal bestuur bepaalt. Vanwege de specifieke arbeidsomstandigheden in het woonzorgcentrum werd ervoor gekozen om hiervoor een aparte RPR op te maken, met het oog op duidelijkheid en leesbaarheid.
Beide regelingen zijn inhoudelijk op elkaar afgestemd, met uitzondering van enkele specifieke bepalingen voor het woonzorgcentrum, zoals regels rond arbeidsduurvermindering, IFIC-weddeschalen en wisseldiensten.
Op heden ligt een aanpassing van de rechtspositieregeling voor die focust op volgende wijzigingen:
De gemeenteraad wordt gevraagd om deze aanpassingen aan de rechtspositieregeling goed te keuren. Dit is een belangrijke stap in de verdere professionalisering van het personeelsbeleid, in lijn met de nieuwe Vlaamse regelgeving en de noden van een moderne organisatie.
Er werd een positief advies gegeven voor de nieuwe rechtspositieregeling door het managementteam op 17 juni 2025.
De aanpassingen werden besproken op het Bijzonder Onderhandelingscomité op 25 februari 2025, 27 mei 2025 en er werd een protocol van akkoord ondertekend op 10 juni 2025.
Schepen Bart Coopman verwijst naar zijn uiteenzetting over dit punt in de gemeenteraad.
BESLUIT:
Artikel 1:
De raad keurt de aangepaste rechtspositieregelingen OCMW en woonzorgcentrum, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit, goed.