Notulen gemeenteraad van 30 september 2021.
BESLUIT:
Artikel 1:
Gezien er geen opmerkingen zijn over het verslag van de voorgaande vergadering wordt dit aanzien als goedgekeurd.
In de raad van 17 december 2020 werd meerjarenplanaanpassing 3 2020-2025 goedgekeurd, hierin werden aanpassingen voor 2020 opgenomen en werd budget 2021 geïntegreerd. Na opmaak van de jaarrekening 2020 werd meerjarenplanaanpassing 4 goedgekeurd, het resultaat van de rekening 2020 werd opgenomen, er werden budgetten voor bijkomende investeringsprojecten voorzien.
Inmiddels dringt meerjarenplanaanpassing 5.1 BW 3 2021 zich op.
In de raad van juni 2021 werd een meerjarenplanaanpassing 4 (BW 1 201) doorgevoerd voor inbreng van het jaarrekeningcijfer 2020. hieraan werden enkele nieuwe investeringen gekoppeld. In september drong zich een dringende meerjarenplanaanpassing 5 (BW 2 2021) op om de vervroegde terugbetaling van de leningen te kunnen doen. Nu gaat het om de jaarlijkse meerjarenplanaanpassing exploitatie (BW 3 2021) waarbij de kredieten na 3/4 van het jaar werken worden geëvalueerd of aangepast aan nieuwe geactualiseerde gegevens. Inmiddels werd per 8 oktober de vervroegde terugbetaling van de lening uitgevoerd, dus deze cijfers worden in deze aanpassing ook volledig correct gezet en er dringen zich daarnaast ook nog enkele wijzigingen in investeringen op.
In de motivering van de wijzigingen kan u de belangrijkste wijzigingen terugvinden.
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt -3.787.007,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt 10.704.594,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt 6.917.587,00 euro.
Er zijn geconsolideerd 1.100,00 euro onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt 6.916.487,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge in boekjaar 2025 bedraagt 393.916,00 euro.
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe en verwijst naar zijn uiteenzetting in de ocmw-raad omtrent dit agendapunt.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad stelt de meerjarenplanaanpassing 2020-2025 (BP2020_2025-5.1) van het ocmw vast.
Artikel 2:
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het ocmw in 2025 bedraagt -2.557.550,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het ocmw in 2025 bedraagt 142.920,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt -2.414.630,00 euro.
De onbeschikbare gelden bedragen 1.100,00 euro, dit maakt dat het beschikbaar budgettair resultaat van het ocmw in 2025 -2.514.730,00 euro bedraagt.
De autofinancieringsmarge van het ocmw in boekjaar 2025 bedraagt -2.545.050,00 euro.
Artikel 3:
De kredieten van het ocmw voor het boekjaar 2021 (M3) worden goedgekeurd.
Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2021 |
Totaal exploitatie-uitgaven |
8.802.920,00 euro |
Totaal exploitatie-ontvangsten |
7.383.608,00 euro |
Totaal investeringsuitgaven |
788.992,00 euro |
Totaal investeringsontvangsten |
805.369,00 euro |
Totaal financieringsuitgaven |
396.455,00 euro |
Totaal financieringsontvangsten |
0,00 euro |
Artikel 4:
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt -3.787.007,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt 10.704.594,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt 6.917.587,00 euro.
De geconsolideerde onbeschikbare gelden bedragen in 2025 1.100,00 euro.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt 6.916.487,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge in boekjaar 2025 bedraagt 393.916,00 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt 1.378.188,00 euro
In de raad van 17 december 2020 werd meerjarenplanaanpassing 3 2020-2025 goedgekeurd, hierin werden aanpassingen voor 2020 opgenomen en werd budget 2021 geïntegreerd. Na opmaak van de jaarrekening 2020 werd meerjarenplanaanpassing 4 goedgekeurd, het resultaat van de rekening 2020 werd opgenomen, er werden budgetten voor bijkomende investeringsprojecten voorzien
Inmiddels dringt meerjarenplanaanpassing 5.1 BW 3 2021 zich op.
In de raad van juni 2021 werd een meerjarenplanaanpassing 4 (BW 1 201) doorgevoerd voor inbreng van het jaarrekeningcijfer 2020, hieraan werden enkele nieuwe investeringen gekoppeld. In september drong zich een dringende meerjarenplanaanpassing 5 (BW 2 2021) op om de vervroegde terugbetaling van de leningen te kunnen doen. Nu gaat het om de jaarlijkse meerjarenplanaanpassing exploitatie (BW 3 2021) waarbij de kredieten na 3/4 van het jaar werken worden geëvalueerd of aangepast aan nieuwe geactualiseerde gegevens. Inmiddels werd per 8 oktober de vervroegde terugbetaling van de lening uitgevoerd, dus deze cijfers worden in deze aanpassing ook volledig correct gezet en er dringen zich daarnaast ook nog enkele wijzigingen in investeringen op.
In de motivering van de wijzigingen kan u de belangrijkste wijzigingen terugvinden.
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt -3.787.007,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt 10.704.594,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt 6.917.587,00 euro.
Er zijn geconsolideerd 1.100,00 euro onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt 6.916.487,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge in boekjaar 2025 bedraagt 393.916,00 euro.
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe en verwijst naar zijn betoog in de ocmw-raad omtrent dit agendapunt.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad stelt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 (BP2020_2025-5.1) van de gemeente vast.
Artikel 2:
Het budgettair resultaat van het boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt -1.229.457,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt 10.561.674,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt 9.332.217,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
Het beschikbaar budgettair resultaat van de gemeente in 2025 bedraagt 9.332.217,00 euro.
De autofinancieringsmarge boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt 2.938.966,00 euro.
Artikel 3:
De kredieten van de gemeente voor het boekjaar 2021 (M3) worden vastgesteld.
Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2021 |
Totaal exploitatie-uitgaven |
12.704.040,00 euro |
Totaal exploitatie-ontvangsten |
14.916.446,00 euro |
Totaal investeringsuitgaven | 5.549.357,00 euro |
Totaal investeringsontvangsten | 1.680.953,00 euro |
Totaal financieringsuitgaven | 2.705.096,00 euro |
Totaal financieringsontvangsten | 49.529,00 euro |
Artikel 4:
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt -3.787.007,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt 10.704.594,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt 6.917.587,00 euro.
De geconsolideerde onbeschikbare gelden bedragen in 2025 1.100,00 euro.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt 6.916.487,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge in boekjaar 2025 bedraagt 393.916,00 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt 1.378.188,00 euro.
De gemeente Staden kreeg per aangetekend schrijven van 27 september 2021 een oproep om deel te nemen aan de buitengewone algemene vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging. Die vindt plaats op 6 december 2021 op digitale wijze.
Gelet op het feit dat we heden nog steeds geconfronteerd worden met het COVID-19 virus, wordt digitaal vergaderd.
In de zitting van 31 januari 2019 stelde de gemeenteraad de heer Geert Moerkerke aan als effectieve vertegenwoordiger en mevrouw Martine Zoete als plaatsvervangend vertegenwoordiger namens de gemeente Staden in de algemene vergadering van Fluvius OV voor de legislatuur 2019-2024.
De agendapunten van de algemene vergadering van Fluvius OV op 6 december 2021:
Uitnodiging en stukken bij diverse agendapunten.
Voorzitter Martine Zoete licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan de agenda van de buitengewone algemene vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging van 6 december 2021 met als agendapunten:
Artikel 2:
De vertegenwoordiger van de gemeente die zal deelnemen aan de digitale Algemene Vergadering tevens Jaarvergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging op 6 december 2021 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Artikel 3:
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan Fluvius Opdrachthoudende Vereniging, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.
De gemeente Staden is voor één of meerdere activiteiten aangesloten bij de opdrachthoudende vereniging Fluvius West (nieuwe naam voor het vroegere Infrax West).
De gemeente Staden werd per aangetekend schrijven van 23 september opgeroepen om deel te nemen aan de buitengewone algemene vergadering van Fluvius West die op 13 december 2021 plaatsheeft in het Fluvius gebouw, Noordlaan 9 te 8820 Torhout.
Gelet op het feit dat we geconfronteerd worden met het coronavirus COVID-19, waarbij het op heden niet vaststaat onder welke vorm deze algemene vergadering zal kunnen plaatsvinden.
Gelet op de mogelijke federale richtlijnen alsook de politiebesluiten van de gouverneurs en de informatie via het Agentschap Binnenlands Bestuur omtrent het coronavirus COVID-19 (en de mogelijke evolutie in en aanpassing van deze richtlijnen en informatie) en de impact hiervan op onderhavige bijeenkomst, wordt gevraagd om een expliciete beslissing over alle voorliggende agendapunten. Op deze manier kan desgevallend overgegaan worden tot het houden van een schriftelijke algemene vergadering indien dit noodzakelijk mocht blijken.
In zitting van de gemeenteraad van 31 januari 2019 werd mevrouw Martine Zoete aangeduid als vertegenwoordiger van het gemeentebestuur Staden en de heer Francky Deprez aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Infrax West - nu Fluvius West- voor de legislatuur 2019-2024.
Artikel 432, alinea 3 van het decreet lokaal bestuur.
De agenda voor de algemene vergadering van 13 december 2021 ziet eruit als volgt:
Voorzitter Martine Zoete licht het agendapunt toe.
Raadslid Hans Mommerency vraagt een stand van zaken omtrent de sanering en de vordering van de zoneringsplannen. Is het vooropgestelde jaar 2027 nog altijd een haalbare kaart?
Schepen Geert Moerkerke beantwoordt deze vraag met een overzicht van de reeds geplande werken en de werken die reeds in de volgende legislatuur op de agenda staan.
Raadslid Hans Mommerency vraagt een overzicht van de nog geplande dossiers in dit kader.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius West van 13 december 2021 met als agendapunten:
Artikel 2:
Zijn goedkeuring te hechten aan de voorgestelde statutenwijzigingen van Fluvius West met inbegrip van de voorgestelde wijziging van het doel/voorwerp van Fluvius West.
Artikel 3.1: in geval van fysieke of digitale algemene vergadering
De vertegenwoordiger van de gemeente die fysiek dan wel digitaal zal deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van Fluvius West van 10 december 2020 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikelen 1 en 2 van onderhavige beslissing.
Artikel 3.2: in geval van een schriftelijke algemene vergadering
Zijn akkoord te verlenen over elk van de voorliggende agendapunten, waaronder de voorgestelde statutenwijzigingen en wijziging van doel/voorwerp. Dit geeft het standpunt van de gemeente weer, en dient in geval van een schriftelijke algemene vergadering (zonder fysieke aanwezigheid van de vertegenwoordiger van de gemeente) als een bindend akkoord te worden beschouwd dat opgenomen zal worden in de overzichtslijst 'houdende ontvangen inhoudelijke goedkeuringen van de deelnemers' die gevoegd zal worden bij de notulen van bovenvermelde buitengewone algemene vergadering en waarbij de individuele gemeenteraadsbeslissingen via het digitaal loket zullen worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid.
Artikel 4:
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de opdrachthoudende vereniging Fluvius West, ter attentie van het secretariaat, uitsluitend op het e‑mailadres “vennootschapssecretariaat@fluvius.be“.
De gemeente Staden neemt voor de activiteit distributienetbeheer elektriciteit en/of gas deel aan de opdrachthoudende vereniging Gaselwest, Intercommunale Maatschappij voor Gas en Elektriciteit van het Westen.
De gemeente Staden werd per aangetekend schrijven van 23 september 2021 opgeroepen om deel te nemen aan de algemene vergadering van Gaselwest die op 21 december 2021 plaats heeft in het Auditorium van het Regiogebouw, P. Kennedypark 12 te 8500 Kortrijk.
Gelet op het feit dat we geconfronteerd worden met het coronavirus COVID-19, waarbij het op heden niet vaststaat onder welke vorm deze algemene vergadering zal kunnen plaatsvinden.
Gelet op de mogelijke federale richtlijnen alsook de politiebesluiten van de gouverneurs en de informatie via het Agentschap Binnenlands Bestuur omtrent het coronavirus COVID-19 (en de mogelijke evolutie in en aanpassing van deze richtlijnen en informatie) en de impact hiervan op onderhavige bijeenkomst, wordt gevraagd om een expliciete beslissing over alle voorliggende agendapunten. Op deze manier kan desgevallend overgegaan worden tot het houden van een schriftelijke algemene vergadering indien dit noodzakelijk mocht blijken.
In zitting van de gemeenteraad van 31 januari 2019 werd mevrouw Martine Zoete aangeduid als vertegenwoordiger en de heer Francky Deprez aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger van het gemeentebestuur Staden in de algemene vergadering van Gaselwest voor de legislatuur 2019-2024.
De agenda van de algemene vergadering van Gaselwest van 21 december 2021 bevat volgende agendapunten:
Uitnodiging en bijlagen over de agendapunten.
Voorzitter Martine Zoete licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan de agenda van de buitengewone algemene vergadering van de opdrachthoudende vereniging Gaselwest van 21 december 2021 met als agendapunten
Artikel 2:
Zijn goedkeuring te hechten aan de voorgestelde statutenwijzigingen van Gaselwest met inbegrip van de voorgestelde wijziging van het doel/voorwerp van Gaselwest.
Artikel 3.1: in geval van fysieke of digitale algemene vergadering
De vertegenwoordiger van de gemeente die fysiek dan wel digitaal zal deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van Gaselwest van 21 december 2021 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikelen 1 en 2 van onderhavige beslissing.
Artikel 3.2: in geval van een schriftelijke algemene vergadering
Zijn akkoord te verlenen over elk van de voorliggende agendapunten, waaronder de voorgestelde statutenwijzigingen en wijziging van doel/voorwerp. Dit geeft het standpunt van de gemeente weer, en dient in geval van een schriftelijke algemene vergadering (zonder fysieke aanwezigheid van de vertegenwoordiger van de gemeente) als een bindend akkoord te worden beschouwd dat opgenomen zal worden in de overzichtslijst 'houdende ontvangen inhoudelijke goedkeuringen van de deelnemers' die gevoegd zal worden bij de notulen van bovenvermelde buitengewone algemene vergadering en waarbij de individuele gemeenteraadsbeslissingen via het digitaal loket zullen worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid.
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de opdrachthoudende vereniging Gaselwest, ter attentie van het secretariaat, uitsluitend op het e‑mailadres “vennootschapssecretariaat@fluvius.be“.
De 16 besturen uit de regio Midden-West-Vlaanderen gingen via een gemeenteraadsbeslissing akkoord met een doorgedreven samenwerking in functie van de versterking van de besturen. Dit leidde tot de oprichting van de DVV Midwest op 22 december 2017. Deze oprichting is gebaseerd op het decreet lokaal bestuur.
In zitting van de gemeenteraad van 31 januari 2019 werd de heer Francky Deprez aangeduid als vertegenwoordiger van het gemeentebestuur Staden en mevrouw Heidi Ballyn aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger in de algemene vergadering van DVV Midwest voor de legislatuur 2019-2024.
De leden van de algemene vergadering van DVV Midwest zijn op 4 oktober 2021 per e-mail uitgenodigd voor de buitengewone algemene vergadering die doorgaat op 21 december 2021 om 18.00 u.
Op deze algemene vergadering worden volgende punten geagendeerd:
Voorzitter Martine Zoete licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de agenda van de buitengewone algemene vergadering van de dienstverlenende vereniging Midwest dd. 21 december 2021 om 18.00 u goed.
Artikel 2
De vertegenwoordiger van de gemeente die zal deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van 21 december 2021 zal zijn/haar stemgedrag afstemmen op de beslissing genomen in onderhavig gemeenteraadsbesluit en de punten van de agenda van de buitengewone algemene vergadering van 21 december 2021 goedkeuren.
Artikel 3
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de DVV Midwest (via dvv-midwest@midwest.be).
De kerkfabrieken Sint-Jan Baptist (Staden), Onze-Lieve-Vrouw (Oostnieuwkerke), Sint-Bavo (Westrozebeke) en Sint-Eligius (Vijfwegen) hebben het budget 2022 ingediend op 16 september 2021.
Het bisdom gaf positief advies op 21 september 2021, als erkend representatief orgaan van de eredienst.
Aangezien het budget van kerkfabriek Sint-Jan, kerkfabriek Sint-Bavo en kerkfabriek Sint-Elgius past binnen het meerjarenplan neemt de gemeenteraad akte van het budget binnen de 50 dagen na ontvangst van het document (indien er binnen de 50 dagen geen akteneming gebeurt, wordt het document goedgekeurd).
Aangezien het budget van kerkfabriek Onze Lieve vrouw niet past binnen het meerjarenplan, moet dit budget in een aparte beslissing goedgekeurd worden door de gemeenteraad.
Vergelijking meerjarenplan 2022 met budget 2022
exploitatietoelage in euro | meerjarenplan 2022 | budget 2022 |
Kerkfabriek Sint-Jan | 28.196,00 euro | 0,00 euro |
Kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw | 52.470,00 euro | 59.821,52 euro |
Kerkfabriek Sint-Bavo | 53.377,00 euro | 52.452,01 euro |
Kerkfabriek Sint-Eligius | 1.980,00 euro | 0,00 euro |
Totaal | 136.023,00 euro | 112.273,53 euro |
De toelage van kerkfabriek Onze Lieve Vrouw past niet binnen het meerjarenplan, dit budget wordt in een aparte beslissing voorgelegd ter goedkeuring.
De investeringstoelage van 208.635,00 euro voor kerkfabriek Sint Bavo was voorzien in 2022, de eerste schijf van de erelonen wordt al opgevraagd in 2021, er wordt dan ook een voorafname van de investeringstoelage van 8.669,67 euro ingeschreven in de meerjarenplanaanpassing van de gemeente, in 2022 wordt aldus nog 199.965,33 euro investeringstoelage voorzien.
In 2021 was een investeringstoelage van 250.000,00 euro voorzien voor kerkfabriek Onze Lieve Vrouw. Het dossier 'restauratie kerk fase 3 - perceel 1' wordt na toezegging van de provinciale subsidie nog altijd voorzien om te starten in 2021. De investeringstoelage wordt doorgeschoven naar 2022.
In bijlage een overzicht van alle ingediende budgetten en het gunstig advies van het bisdom.
Schepen Joeri Deprez licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1:
Het budget 2022 van de kerkfabrieken Sint-Jan Baptist (Staden), Sint-Bavo (Westrozebeke) en Sint-Eligius (Vijfwegen) past binnen het goedgekeurde meerjarenplan.
Artikel 2:
De gemeentelijke exploitatietoelagen 2022 worden vastgesteld als volgt:
Exploitatietoelage (euro) |
Budget 2022 |
kerkfabriek Sint-Jan |
0,00 euro |
kerkfabriek Sint-Bavo |
52.452,01 euro |
kerkfabriek Sint-Eligius |
0,00 euro |
De gemeentelijke investeringstoelagen 2022 worden vastgesteld als volgt:
Investeringstoelage (euro) |
Budget 2022 |
kerkfabriek Sint-Bavo |
199.965,33 euro |
De kerkfabrieken Sint-Jan Baptist (Staden), Onze-Lieve-Vrouw (Oostnieuwkerke), Sint-Bavo (Westrozebeke) en Sint-Eligius (Vijfwegen) hebben het budget 2022 ingediend op 16 september 2021.
Het bisdom gaf positief advies op 21 september 2021, als erkend representatief orgaan van de eredienst.
Aangezien het budget van kerkfabriek Onze Lieve Vrouw niet past binnen het meerjarenplan, dient de gemeenteraad het budget goed te keuren (in plaats van vast te stellen) binnen de 50 dagen na ontvangst van het document (indien er binnen de 50 dagen geen akteneming gebeurt, wordt het document goedgekeurd).
Vergelijking meerjarenplan 2022 met budget 2022
exploitatietoelage in euro | meerjarenplan 2022 | budget 2022 |
Kerkfabriek Sint-Jan | 28.196,00 euro | 0,00 euro |
Kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw | 52.470,00 euro | 59.821,52 euro |
Kerkfabriek Sint-Bavo | 53.377,00 euro | 52.452,01 euro |
Kerkfabriek Sint-Eligius | 1.980,00 euro | 0,00 euro |
Totaal | 136.023,00 euro | 112.273,53 euro |
De toelage van kerkfabriek Onze Lieve Vrouw past niet binnen het meerjarenplan, dit budget wordt in een aparte beslissing voorgelegd ter goedkeuring.
In 2021 was een investeringstoelage van 250.000,00 euro voorzien voor kerkfabriek Onze Lieve Vrouw. Het dossier 'restauratie kerk fase 3 - perceel 1' wordt na toezegging van de provinciale subsidie nog altijd voorzien om te starten in 2021. De investeringstoelage wordt doorgeschoven worden naar 2022.
Schepen Joeri Deprez licht het agendapunt toe.
Raadslid Ludwig Willaert informeert naar de stand van zaken inzake de aanvraag provinciale subsidies voor deze werken.
BESLUIT:
Artikel 1:
Het budget 2021 van kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw (Oostnieuwkerke) past niet binnen het goedgekeurde meerjarenplan.
Artikel 2:
De gemeentelijke exploitatietoelage 2022 van kerkfabriek Onze Lieve vrouw wordt goedgekeurd:
Exploitatietoelage (euro) |
Budget 2022 |
kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw |
59.821,52 euro |
De gemeentelijke investeringstoelage 2022 van kerkfabriek Onze Lieve vrouw wordt goedgekeurd:
Investeringstoelage (euro) |
Budget 2022 |
kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw |
250.000,00 euro |
De gemeente Hooglede staat in voor de goedkeuring van het meerjarenplan 2020-2025 en voor het advies over het budget en de jaarrekening, na voorafgaandelijk overleg met de gemeente Staden. Het meerjarenplan 2020-2025 werd ter goedkeuring voorgelegd op de gemeenteraad van Hooglede van 23 september 2019.
De gemeente Staden neemt akte van het budget 2021. Het aandeel van de gemeente Staden bedraagt 56 %.
2022 | totaal toelage | aandeel gemeente Staden |
Meerjarenplan | 29.047,65 euro | 16.266,68 euro |
Budget | 24.651,93 euro | 13.805,08 euro |
Het exploitatiebudget van 2022 past binnen de raming van het meerjarenplan.
In het budget wordt een onverwachte investeringsuitgave van 55.000,00 euro opgenomen, voor het herstel van de afwatering van het dakwater.
Deze uitgave was niet voorzien in de meerjarenplanning, het aandeel van de gemeente Staden bedraagt 30.800,00 euro
Schepen Joeri Deprez licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1:
Er wordt akte genomen van het budget 2022 van kerkfabriek Kristus Koning.
Artikel 2:
Het aandeel van de gemeente Staden in de gemeentelijke exploitatietoelagen voor 2022 bedraagt:
totaal toelage | aandeel gemeente Staden | |
2022 | 16.266,68 euro | 13.805,08 euro |
Artikel 3:
Het aandeel van de gemeente Staden in de gemeentelijke investeringstoelage voor 2022 bedraagt:
totaal toelage | aandeel gemeente Staden | |
2022 | 55.000,00 euro | 30.800,00 euro |
Nv Immo Bossu diende een aanvraag in tot omgevingsvergunning voor het verkavelen van de grond gelegen langs de Kleine Veldstraat, ter hoogte van nummer 25a, te Staden. De verkaveling maakt deel uit van het wooninbreidingsproject Twee Hofsteden, gelegen tussen Ieperstraat, Rysseveldstraat en Kleine Veldstraat.
Het betreft een onbebouwd perceel.
De verkaveling omvat 37 loten waarvan 7 voor open bebouwing, 26 voor halfopen bebouwing (gekoppelde bebouwing), 3 voor gesloten bebouwing en 1 lot voor vier gestapelde woningen. De loten zijn gesitueerd langs een nieuw aan te leggen weg vanaf de Kleine Veldstraat.
Het betreft een doorlopende straat die wordt ingericht als een woonerf.
De nieuwe weg wordt aangelegd als een openbare weg. Na aanleg wordt de weg overgedragen naar het openbaar domein.
Langs de Kleine Veldstraat wordt de bestaande rooilijn 2m verplaatst zodat er naast de bestaande gracht ruimte vrij komt voor de aanleg van een uniforme haag als afwerking van de verkaveling. Deze strook wordt na uitvoering van de werken overgedragen naar het openbaar domein.
Het rooilijnplan met de nieuw aan te leggen weg en de verlegging van de rooilijn langs de Kleine Veldstraat ligt ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad.
Overeenkomstig artikel 12 paragraaf 12 wordt de procedure voor vaststelling van het rooilijnplan gecombineerd met de aanvraag tot omgevingsvergunning, meer bepaald de aanvraag tot verkavelen.
De gemeenteraad moet uitspraak doen over het rooilijnplan.
Zonder goedkeuring van de gemeenteraad over het rooilijnplan kan het college van burgemeester en schepenen geen beslissing nemen over de omgevingsvergunning.
Overeenkomstig artikel 4 van het decreet gemeentewegen dient elke wijziging van het gemeentelijk wegennet minstens aan volgende criteria te voldoen:
De grond gelegen binnen de contouren van de nieuwe rooilijn (lot OD1) heeft een oppervlakte van 3.856m².
Naast de grond bedoeld voor de aanleg van de nieuwe weg wordt ook een deel grond overgedragen aan de gemeente die deel uitmaakt van de aangrenzende parkzone. Het betreft een perceel met oppervlakte van 2.613m² (lot OD2). Deze grond valt buiten de rooilijn en dus buiten de zone van openbare wegenis. Deze grond zal wel worden opgenomen in de publieke groenzone.
In kader van de aanvraag tot omgevingsvergunning loopt een openbaar onderzoek, waarvan het rooilijnplan deel uitmaakt. Het openbaar onderzoek liep tot 12 oktober 2021. De gemeente heeft geen bezwaren ontvangen.
Na aanleg van de nieuwe weg wordt deze kosteloos overgedragen naar het openbaar domein.
De aanleg van de weg is ten laste van de verkavelaar.
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe.
Mevrouw Sarah Van Walleghem vraagt meer uitleg over het toekomstige landschapspark van de WVI. Werd dit niet gericht op een heel extensief groenbeheer en zelfs tuindelen? Het huidige plan oogt eerder klassiek. Zal dit dan wel samen passen? Het zou jammer zijn dat er tussen de twee sites (privatieve site en WVI-site) een discrepantie zou zijn.
De burgemeester beantwoordt deze vraag. Het voorliggende dossier behelst natuurlijk het privatieve gedeelte van de verkaveling. De burgemeester geeft duiding bij de ontwikkeling van het WVI-dossier. Dit dossier sleept natuurlijk al lang aan en ook daar werden bepaalde vooropgestelde standpunten al wat genuanceerd.
Raadslid Ludwig Willaert vult het betoog van zijn collega Van Walleghem aan met zijn herinneringen van de eerste gesprekken met de WVI. De WVI had duidelijk heel scherpe ambities inzake klimaatneutraliteit. Wat blijft van deze ambities nog over?
Raadslid Marc Van Ysacker vraagt zich af of het een éénrichtings- of tweerichtingsstraat is in deze wijk.
Raadslid Miet Vandenbulcke vraagt meer uitleg over de afmetingen van het landschapspark.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt het ontwerp van rooilijnplan opgemaakt door Landmeetkantoor Decoster bv en dat deel uitmaakt van de aanvraag tot omgevingsvergunning voor het verkavelen van grond, aangevraagd door nv Immo Bossu, goed.
Immo Bossu diende een aanvraag in tot omgevingsvergunning voor het verkavelen van de grond gelegen in de Kleine Veldstraat te Staden.
De verkaveling omvat 37 kavels en één kavel voor het oprichten van een nutsgebouw. De kavels zijn een mix tussen open, halfopen en gesloten bebouwing. Er is één meergezinswoning, de overige zijn eengezinswoningen.
De loten zijn gesitueerd langs een nieuw aan te leggen zijweg van de Kleine Veldstraat. Deze wordt lusvormig aangelegd. Na de aanleg wordt de weg overgedragen naar het openbaar domein.
Landmeterkantoor Decoster bv uit Torhout werd aangesteld door de bouwheer.
De totale raming voor de wegen- en rioleringswerken ten laste van de bouwheer bedraagt 479.474,50 euro exclusief btw of 580.164,15 euro inclusief btw.
Het uitvoeringsdossier wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Het verkavelingsontwerp houdt rekening groen en waterhuishouding. Er wordt minimaal verhard en doorheen de volledige verkaveling worden heel wat bomen aangeplant en grasstroken voorzien. In het ontwerp is er rekening gehouden met de aansluiting op het toekomstige landschapspark en het project van de WVI.
Het project omschrijft zich als een woonerf waar voetgangers, fietsers en gemotoriseerd verkeer zich door elkaar bewegen. Het parkeren van wagens gebeurt op de 14 openbare parkeerplaatsen. Per eengezinswoning worden twee parkeerplaatsen voorzien op privéterrein.
In het project is er grote aandacht voor de infiltratie van hemelwater. Het hemelwater afkomstig van de rijweg watert eerst af naar de zijbermen, waar het kan infilteren in de bodem. Ook voor de parkeerplaatsen worden infiltrerende materialen gebruikt. De rijweg wordt aangelegd in asfalt.
In de weg wordt een gescheiden rioleringsstelsel aangelegd. De regenwaterafvoer zal aansluiten op het grachtenstelsel van de Kleine Veldstraat. De DWA-afvoer sluit aan op het gemengde stelsel van de Kleine Veldstraat.
Er zijn geen financiële gevolgen voor de gemeente, alle werken zijn ten laste van de bouwheer.
Ontwerpdocumenten, raming en plannen.
BESLUIT:
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het bijzonder bestek en de raming voor de opdracht 'Verkaveling Kleine Veldstraat', opgesteld door landmeterskantoor Decoster, Elisabethlaan 17, te 8820 Torhout goed.
Artikel 2
De gemeenteraad stelt de projectontwikkelaar aan voor de aanleg, inclusief alle aanpassingen aan het bestaande openbaar domein en nutsleidingen.
Het Intergouvernementele Panel voor Klimaatverandering (IPCC) heeft in zijn vijfde beoordelingsverslag opnieuw bevestigd dat klimaatverandering een realiteit is en dat menselijke activiteiten het klimaat blijven beïnvloeden. Volgens de bevindingen van het IPCC zijn mitigatie (voorkomen van klimaatverandering) en adaptatie (aanpassing aan de gevolgen van klimaatverandering) elkaar aanvullende benaderingen ter vermindering van de risico’s van de gevolgen van klimaatverandering in verschillende tijdsschalen;
De Europese Unie heeft op de Europese raad van oktober 2009 een beslissing genomen waarmee zij zich eenzijdig ertoe heeft verbonden de uitstoot van broeikasgassen tussen nu en 2050 met 80 tot 95% te reduceren te opzichte van 1990.
De Europese Unie heeft daaropvolgend in oktober 2014 het klimaat- en energiebeleidskader 2030 aangenomen waarin nieuwe klimaat- en energiedoelstellingen zijn vastgesteld: interne vermindering van de uitstoot van broeikasgassen met ten minste 40%, ten minste 27% van de verbruikte energie in de EU uit hernieuwbare energiebronnen en een energiebesparing van ten minste 27%. Aanvullend kwamen in juni 2018 de lidstaten en het Europees Parlement overeen dat in 2030 32% van de in de EU opgewekte energie duurzaam moet zijn.
In Akkoord van Parijs op 12 december 2015 (COP 21) werd afgesproken om de temperatuurstijging ruim onder 2°C (t.o.v. de pre-industriële periode) te houden en een beperking tot 1,5°C na te streven.
In kader van de Rio+20-Conferentie van de Verenigde Naties werden een reeks duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG's) overeengekomen die onder meer vereisen dat de internationale gemeenschap "de toegang tot betaalbare, betrouwbare, duurzame en moderne energie voor iedereen verzekert" (SDG7), dat "steden en woonplaatsen inclusiever, veiliger, veerkrachtiger en duurzamer worden gemaakt" (SDG11) en dat "dringend actie wordt ondernomen om klimaatverandering en de gevolgen daarvan te bestrijden" (SDG13).
Het gaat aldus om ambitieuze doelstellingen die op lange termijn de politieke mandaten overstijgen.
De Europese Unie kan de in het vooruitzicht gestelde emissiereductie alleen realiseren als ook de lokale stakeholders en de burgers en hun organisaties daartoe een bijdrage leveren. Klimaatverandering is reeds een feit en vormt één van de grootste uitdagingen van onze tijd die onmiddellijke actie en samenwerking vereist tussen lokale, regionale en nationale overheden over de hele wereld.
Lokale en regionale overheden, als bestuurslagen die het dichtst bij de burgers staan, nemen hierin het voortouw wensen en wensen het voorbeeld te geven.
De beperking van en aanpassing aan klimaatverandering kan meerdere voordelen opleveren voor het milieu, de samenleving en de economie en nieuwe kansen bieden om duurzame lokale ontwikkeling te bevorderen. Dit omvat de opbouw van inclusieve, klimaatbestendige, energie-efficiënte gemeenschappen, de verbetering van de levenskwaliteit, de stimulering van investeringen en innovatie, de bevordering van de lokale economie en het scheppen van banen, de versterking van de betrokkenheid van en samenwerking tussen belanghebbenden.
Lokale oplossingen voor energie- en klimaatuitdagingen helpen om veilige, duurzame, concurrerende en betaalbare energie te bieden aan burgers en zo bij te dragen aan een hogere energieonafhankelijkheid en de bescherming van kwetsbare consumenten.
In kader van hogergenoemde ambities lanceerde de Europese Commissie het ‘Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie’ (Burgemeestersconvenant 2030) met volgende doelstellingen tot 2030:
Gelet op het verbintenissendocument (zie bijlage 1) betreffende het Europees initiatief inzake het Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie;
Tal van Europese en Vlaamse fondsen richten zich op ondersteuning van energie- en klimaatbeleid en de ondertekening van het Burgemeestersconvenant kan een essentiële voorwaarde zijn om beroep te kunnen doen op Vlaamse en Europese fondsen.
De WVI is door Europa erkend als territoriaal coördinator van het Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie en biedt ondersteuning biedt aan de ondertekenaars van het convenant.
De WVI maakte hiervoor op 14 september 2021 een nota over het Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie (Burgemeestersconvenant 2030). De toetreding tot het burgemeestersconvenant 2030 behoort tot de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Decreet lokaal bestuur.
Bijlage 1: Verbintenissendocument Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie, met 3 bijlagen.
Bijlage 2: Europees aansluitingsformulier Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie, individuele ondertekenaar.
Bijlage 3: nota WVI van 14 september 2021.
Schepen Chris Verhaeghe licht het agendapunt toe.
Raadslid Ludwig Willaert meldt dat zijn fractie verheugd is dat de wonderen de wereld nog niet uit zijn. Het siert de meerderheid dat er nu toch de keuze wordt gemaakt om in te stappen in het burgemeestersconvenant. Het Burgemeestersconvenant is een mooie vlag om het gemeentelijk klimaatbeleid te structureren. Het raadslid dankt de schepen voor dit vooruitschrijdend inzicht. Dit leidt vaak tot zeer mooi resultaten.
De schepen motiveert de keuze voor om niet in te stappen in het verleden. Onze gemeente heeft al diverse acties genomen, we hebben bvb. een grote voorsprong op vlak van verledding.
Op heden werd opnieuw de kosten-batenanalyse gemaakt en met de koppeling met het Klimaatplan is dit nu wel een interessante piste.
Raadslid Hans Mommerency stelt zich de vraag in welke mate het engagement van de gemeente ook invloed heeft op zijn burgers en zijn bedrijven. Zal bijvoorbeeld het vergunningenbeleid hierop afgestemd moeten worden? We moeten ons ook bewust zijn dat er in onze gemeente een aantal bedrijven zijn die moeilijk CO2-neutraal kunnen zijn. Het raadslid wijst ook op het eerder verouderde patrimonium van onze gemeente. Het raadslid stelt zich de vraag hoe hiermee omgegaan zal worden en hoe strikt bepaalde zaken zullen worden gesteld. De tweespalt in het klimaatdebat zal ook hier levendig voelbaar zijn.
Raadslid Bart Coopman meldt dat je op de website van het burgemeestersconvenant al de resultaten van de nulmeting CO2 zichtbaar zijn.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad beslist het Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie (Covenant of Mayors for Climate & Energy) te ondertekenen, en neemt kennis van bijhorende engagementen (zie bijlage 1 ‘Verbintenissendocument’).
Artikel 2:
Met de ondertekening van het Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie verbindt de gemeente zich ertoe volgende engagementen na te komen:
Het Regeerakkoord van de Vlaamse Regering 2019-2024 bepaalt uitdrukkelijk:
"Ook de Vlaamse en lokale overheden nemen hun verantwoordelijkheid en geven het goede voorbeeld. Net zoals de Vlaamse Overheid zullen gemeenten, steden, intercommunales, OCMW’s, provincies en autonome gemeentebedrijven worden gevraagd dat zij hun broeikasgassen met 40% reduceren in 2030 ten opzichte van 2015 en vanaf 2020 per jaar een energiebesparing van 2,09% realiseren op het energieverbruik van hun gebouwenpark (inclusief technische infrastructuur, exclusief onroerend erfgoed)."
Deze ambitie wordt ondersteund door de internationale conferentie inzake milieu en ontwikkeling gehouden in Rio de Janeiro in 1992 en het internationaal verdrag van Kyoto van 1997 met betrekking tot het nemen van maatregelen ter bescherming van het klimaat en ter vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Ook de ondertekening van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen door de federale overheid in New York in 2015 aangaande het engagement om aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen te werken, is een belangrijke mijlpaal.
Op lokaal vlak werd ondertussen beslist dat de gemeente Staden overgaat tot ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030, aangaande de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen.
Op deze wijze slaan Vlaanderen en het lokaal bestuur Staden d.m.v. het Lokaal Energie- en Klimaatpact de handen in elkaar om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken.
Ter bijkomende ondersteuning van de klimaatpactacties van de gemeenten die het Pact ondertekenen, in een extra jaarlijks budget van 10.000.000,00 euro, evenals een vast gedeelte van de vrij beschikbare middelen binnen het Vlaams klimaatfonds, te voorzien. Deze budgettaire engagementen kunnen aangepast worden in functie van het algemeen begrotingsbeleid.
Het lokaal bestuur Staden doet op heden al heel wat acties inzake duurzaamheid waaronder hieronder een niet-limitatieve opsomming wordt gegeven:
1. Ruimtelijke ontwikkeling
2. Biodiversiteit
3. Energie
5. Afvalbeleid
Artikel 2 van het Decreet Lokaal Bestuur: “De gemeenten zijn overeenkomstig artikel 41 van de Grondwet bevoegd voor de aangelegenheden van gemeentelijk belang. Voor de verwezenlijking daarvan kunnen ze alle initiatieven nemen. Ze beogen om bij te dragen aan de duurzame ontwikkeling van het gemeentelijk gebied.”
Vlaanderen en de lokale besturen slaan aldus door middel van het Lokaal Energie- en Klimaatpact de handen in elkaar om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken. Aan de hand van concrete en herkenbare werven wil men inzetten op krachtdadig beleid.
Er wordt hierbij ingezet op een gelijktijdige bottom-up en top-down aanpak. Beide actoren, de Vlaamse overheid en de lokale besturen geven aan werk te maken van concrete engagementen zoals hieronder vermeld:
Lokale besturen engageren zich om:
De Vlaamse overheid engageert zich om:
Door de ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatpact geeft de gemeente aan actie te ondernemen om de doelstellingen vermeldt in de onderstaande werven waar te maken:
1. Laten we een boom opzetten
2. Verrijk je wijk
3. Elke buurt deelt en is duurzaam bereikbaar
4. Water het nieuwe goud
De doelstellingen zijn bepaald voor Vlaanderen, als gemeente wordt u niet aangesproken op het niet behalen van een doelstelling op gemeentelijk niveau.
Op basis van het besluit genereert de gemeenteraad een jaarlijks trekkingsrecht van 39.043,00 euro voor het 1e jaar. Dit bedrag is afgeleid op basis van de afgeronde 24,3 miljoen euro die Vlaanderen voor 2021 uittrekt voor alle gemeenten. Nadien is er de garantie dat er zeker jaarlijks 10 miljoen euro wordt verdeeld en is er de intentie dit bedrag aan te vullen met een bijkomend bedrag, uit het Klimaatfonds.
Uiterlijk op 29 oktober 2021 bezorgt de gemeente via het digitaal loket van het Agentschap Binnenlands Bestuur de gemeenteraadsbeslissing tot ondertekening van het Lokaal Energie en Klimaatpact. Indien mogelijk, bezorgt de gemeente hierbij ook de identificatie van de geplande klimaatacties via de ondersteunende module volgens de lijst die is opgenomen in bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd.
De totale uitgaven voor klimaatacties dienen minstens het dubbele van de verkregen subsidie te bedragen.
Deze subsidie wordt toegekend als een algemene werkingssubsidie.
Om een opvolging van de gerealiseerde klimaatacties mogelijk te maken, wordt voorzien in een jaarlijks opvolgmoment. De gemeente bezorgt uiterlijk op 1 maart 2023 een rapportering met betrekking tot de voortgang van het Lokaal Energie en Klimaatpact nadat deze aan de gemeenteraad is voorgelegd. De gemeente rapporteert over de uitgaven die gebeurd zijn voor de projecten waarvoor deze subsidie wordt aangevraagd door ze in de jaarrekening te koppelen aan de code ABB-LEKP-2021.
Schepen Chris Verhaeghe licht het agendapunt toe.
Raadslid Bart Coopman benadrukt een aantal inspanningen uit dit klimaatpact die toch wel zwaar zullen doorwegen.
Het raadslid is van mening dat er op heden een aantal knelpunten zijn op vlak van fietsveiligheid. Er kan en moet nagedacht worden over concrete kortetermijnoplossingen inzake fietsoversteekplaatsen en fietspaden veiliger maken.
Het klimaat dwingt ons om heel ambitieuze acties te nemen, het raadslid hoopt op voldoende financiële ruimte in de toekomst om deze inspanningen te kunnen blijven doen.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad beslist de bijlage “Een lokaal energie- en klimaatpact tussen de Vlaamse regering en de Vlaamse steden en gemeenten”, opgemaakt op 4 juni 2021, goed te keuren overeenkomstig de bij dit besluit gevoegde tekst, om zo aan te geven dat de gemeente Staden zijn klimaat- en duurzaamheidsbeleid extra kracht wil bijzetten.
Artikel 2:
De burgemeester en de algemeen directeur werden gemachtigd tot het ondertekenen van dit Lokaal Energie- en Klimaatpact.
Het speelbos van Staden is gelegen in de zone tussen Hospitaalstraat, Ieperstraat en Vrijbosroute (provinciale fietsroute). Deze zone is gelegen in het GRUP Kapellerie. In functie van de verdere ontwikkeling van het speelbos en integratie met de aangrenzende zones wordt er een nieuw gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) opgemaakt.
Voor het ontwerp en begeleiding van het planproces is het studiebureau Adoplan uit Kortrijk aangesteld.
Op basis van de ontvangen adviezen en opmerkingen bij de publieke raadpleging van de startnota is er een voorontwerp opgemaakt. Het voorontwerp is voor advies overgemaakt van diverse administratieve instanties. De adviezen zijn verzameld en besproken tijdens de plenaire vergadering van 9 februari 2021.
Op basis van de ontvangen adviezen is nu het ontwerp van GRUP Speelbos opgemaakt. Het ontwerp wordt voorgelegd aan de gemeenteraad voor een voorlopig vaststelling van het GRUP.
Na de voorlopige vaststelling volgt er een openbaar onderzoek over een periode van 60 dagen.
In functie van de verdere ontwikkeling van de het speelbos en het landschapspark wordt er een recht van voorkoop voorzien voor de percelen aansluitend bij de gronden die reeds in eigendom zijn van de gemeente. Het recht van voorkoop is geldig voor een periode van 15 jaar.
Codex RO - artikel 2.2.18.
Het ontwerp is opgemaakt op basis van het voorontwerp en de ontvangen adviezen.
Na de voorlopige vaststelling volgt er een openbaar onderzoek van 60 dagen. Deze zal lopen van half november tot half januari.
De ontvangen bezwaren en adviezen worden nadien behandeld door de gecoro die haar advies overmaakt aan de gemeente.
Ontwerp GRUP Speelbos
Alle dossierstukken van de voorgaande procedurestappen (startnota, conceptnota, voorontwerp) zijn te raadplegen via het digitaal platform DSI of via deze link : https://dsi.omgeving.vlaanderen.be/fiche-detail/6be5b555-cf0b-40da-ac40-985a583ce3bc
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe.
Raadslid Hans Mommerency wijst dat het een pijnlijke gewoonte is van dit bestuur om voorafnames te doen van ruimere planningen. Omwille van deze reden zal de CD&V-fractie zich hierop dan ook onthouden.
BESLUIT:
Artikel 1:
Het ontwerp van het GRUP Speelbos, opgemaakt door het studiebureau Adoplan, wordt voorlopig vastgesteld.
Artikel 2:
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met het organiseren van het openbaar onderzoek.
Artikel 3:
Het ontwerp van het GRUP Speelbos wordt voor advies overgemaakt aan de provincie, het departement en de Vlaamse Regering.
De gemeente Staden wenst (nieuwe) pop-up projecten groeikansen te geven, zodat zij hun concept kunnen proberen, liefst in de kern van de deelgemeentes. Tegelijkertijd kunnen pop-up handelszaken ook de leegstand binnen de gemeente helpen beperken.
Deze actie is opgenomen in het meerjarenplan:
Actieplan 7.1 (stimuleren van tijdelijk gebruik van leegstaande vitrines) uit het Strategisch meerjarenplan. Het stimuleren van het tijdelijk gebruik van leegstaande vitrines kan onder meer door bijvoorbeeld het promoten van Stadense ondernemers/lokale producten, ondersteunen komst pop-up winkels,…
Ter uitwerking van de actie wordt het bijgevoegde reglement voorgelegd.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement goed te keuren
Initiatieven zoals het ondersteunen van pop-up handelszaken betekenen een - weliswaar tijdelijke - verrijking van de handelskernen. Pop-up concepten kunnen het aanbod in de kern versterken of een bepaalde eigenheid in de verf zetten en daardoor extra aantrekkingskracht betekenen.
De gemeente Staden wenst (nieuwe) projecten groeikansen te geven, zodat zij hun concept kunnen proberen, liefst in de kern van de deelgemeentes. Tegelijkertijd kunnen pop-up handelszaken ook de leegstand binnen de gemeente helpen beperken.
Gelet op de actie “Stimuleren van het tijdelijk gebruik van leegstaande vitrines” opgenomen in het meerjarenplan, werd een reglement opgesteld.
Met dit reglement wil de gemeente in eerste instantie pop-up handelszaken een gemakkelijkere opstart geven, maar ook andere tijdelijke invullingen/projecten zijn mogelijk. De focus ligt op detailhandel, horeca en diensten. De grootte van de toelage is afhankelijk van de locatie. Als het pand gelegen is in het kernwinkelgebied van de (deel)gemeente zal de toelage hoger liggen omwille van het kernversterkend karakter. Ook het invullen van een leegstaand handelspand geeft recht op een hogere toelage.
Binnen de begroting werd een bedrag voorzien van 10000,00 euro per jaar vanaf 2022. Er wordt gewerkt volgens het principe ‘first come, first served’.
De aanvraag dient online ingediend te worden.
Het ontwerp werd digitaal voorgelegd aan de Ondernemersraad én werd besproken op de Ondernemersraad van 14 oktober.
Volgende opmerkingen werden ontvangen:
Een pop-up reglement schiet zijn doel voorbij. Waarom geen starterspremie in plaats van pop-up premie? Men zal 1 maand outlet doen, subsidie opstrijken en dan terug weggaan of iemand zal tijdelijk pand huren omwille van verbouwingswerken of verenigingen zullen hierop inspelen of… Een pand dat een aantal keer gebruikt geweest is voor een pop-up is niet meer aantrekkelijk om iets definitiefs in te vestigen. Als men de leegstand wil bestrijden kan men beter een incentive geven aan startende, blijvende handelaars enkel in het kernwinkelgebied. Het budget kan al voldoende zijn om toch een paar starters te ondersteunen.
Dit voorstel past echter niet binnen de doelstelling opgenomen binnen de meerjarenplanning om pop-up winkels te gaan ondersteunen.De uitgaven passen binnen de ramingen en de limitatieve kredieten van het meerjarenplan 2020-2025.
Reglement inzake toelage pop-up handelszaken
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe.
Raadslid Hans Mommerency stelt zich de vraag hoe het zit met het register van leegstaande panden? Kunnen er de komende tijd dan wel dossiers worden goedgekeurd bij gebrek aan panden in het register van leegstaande panden?
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het hele reglement nog eens toe. De voorwaarde van opgenomen zijn in het register van leegstaande panden genereert een hogere subsidie (2.000,00 euro) maar de basisvoorwaarden kunnen wel vervuld zijn. Rond het register wordt de komende tijd werk gemaakt.
Het verslag van de ondernemersraad is opgenomen in de notule en niet als bijlage bij het punt. Dit oogt eerder als een vreemde manier van werken.
Het raadslid suggereert het idee van stickers om lege vitrines en leegstaande panden ‘op te fleuren’ met etalagestickers zodat het leegstandsgevoel wordt verholpen.
Raadslid Sarah Van Walleghem informeert naar de timing inzake de budgetten. Is dit geld al beschikbaar in 2021?
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad gaat akkoord met de voorgestelde afbakening van het kernwinkelgebied per deelgemeente.
Artikel 2:
Het gemeentelijk reglement 'toelage pop-up handelszaken' toegevoegd als bijlage bij dit besluit, wordt goedgekeurd.
Artikel 3:
Dit reglement eindigt op 31 december 2024.
Op heden wordt de markt georganiseerd op het G.Gezelleplein te Staden.
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepen van 30 september 2021 om deze markt te verplaatsen naar de Marktplaats, wordt aan de gemeenteraad gevraagd om het aangepast reglement goed te keuren.
Het aantal bezoekers van de markt in Staden gaat zienderogen achteruit en ook het aantal marktkramers neemt gestaag af. Vermoedelijke oorzaken hiervan zijn de verhuis van het gemeentehuis, verhuis van het rusthuis, aantrekkelijkheid beroep, slechte zichtbaarheid van de markt,…
De marktkramers wensen daarom de markt definitief te verplaatsen naar de Marktplaats teneinde een betere zichtbaarheid te creëren, het sociale gebeuren te bevorderen, een positief interactie met de lokale horeca en handelaars te creëren,...
Uit een overleg tussen de marktkramers en plaatselijke horeca en handelaars bleek dat iedereen zich kon neerleggen bij het voorstel.
De ondernemersraad gaf hierop een positief advies op 14 oktober 2021.
Burgemeester, Francesco Vanderjeugd, licht het agendapunt toe.
Raadslid Marc Van Ysacker stelt de vraag of er extra veiligheidsmaatregelen getroffen zullen worden voor fietsers en voetgangers.
De burgemeester geeft uitleg hieromtrent en geeft aan dat er kortparkeerplaatsen zijn voorzien in de Sint-Jansstraat. Dit lijken de beste plaatsen in het kader van de verkeersveiligheid.
Raadslid Hans Mommerency lanceert nog de suggestie voor de organisatie van een boerenmarkt. Schepen Verhaeghe antwoordt dat deze suggestie reeds werd gedaan in de landbouwraad maar dat dit voorstel op weinig enthousiasme kon rekenen.
BESLUIT:
Artikel 1:
Het aangepast markreglement, toegevoegd als bijlage aan dit besluit, wordt goedgekeurd.
Artikel 2:
Dit reglement vervangt met ingang van 18 november het gemeentelijk reglement met betrekking tot ambulante activiteiten op de openbare markten en openbaar domein te Staden van 30 juni 2018.
In het strategisch meerjarenplan 2020-2025 stond onder actie 110 de verkoop van het voormalig stationsgebouw Vijfwegen ingeschreven voor 2020. KLJ Staden, gevestigd in de bovenverdieping van het voormalig stationsgebouw, is al ruime tijd vragende partij voor een ruimer lokaal voor haar activiteiten.
Na overleg met de vereniging is besloten om de verkoop te wijzigen in een erfpacht van 40 jaar. Dit geeft voldoende rechtszekerheid voor KLJ Staden, zij kunnen gebruik maken van het volledige gebouw en het zorgt ervoor dat de vereniging zijn eigen middelen kan investeren in renovatie- en/of verbouwingswerken en deze niet moet gebruiken voor de aankoop. Verhuur van het gebouw aan andere verenigingen en organisaties met een publiek karakter zoals gemeente, school of Fedasil blijft mogelijk.
Commissaris Alain Maricou van Afdeling Vastgoedtransacties maakte hiervoor een ontwerp authentieke akte. Die ligt nu ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad.
Decreet lokaal bestuur.
In het strategisch meerjarenplan 2020-2025 staat onder actie 110 de verkoop van het voormalig stationsgebouw Vijfwegen ingeschreven voor 2020. KLJ Staden, gevestigd in de bovenverdieping van het voormalig stationsgebouw, is al ruime tijd vragende partij voor een ruimer lokaal voor haar activiteiten. Het gebouw zou in het kader van het algemeen belang tegen de geschatte waarde verkocht kunnen worden aan jeugdvereniging KLJ Staden. De vereniging zou daarenboven 100.000,00 euro nominatieve toelage krijgen om de aankoop van haar eigen jeugdlokaal dragelijk te maken. In het college van burgemeester en schepenen van 13 februari 2020 werd deze principebeslissing besproken maar rezen een aantal concrete vragen. Vooral de toekomstgaranties en het correct gebruik van de nominatieve toelage en het gebouw (enkel in functie van de jeugdvereniging) vormden een struikelblok. Er wordt vastgesteld dat de gemeente na verkoop weinig mogelijkheden heeft om het correct gebruik op te volgen en te handhaven, tenzij er een hele reeks voorwaarden worden opgenomen in de verkoopakte. Dat maakt het dossier erg complex, zonder sluitende garanties.
Gelet op voorgaande werd het alternatief van een erfpacht naar voor geschoven. Bij een erfpacht blijft de gemeente Staden eigenaar. Het gemeentebestuur kan gemakkelijker ingrijpen wanneer een oneigenlijk gebruik wordt vastgesteld. Bovendien moet de vereniging geen grote éénmalige som neertellen voor de aankoop voor het gebouw en kan ze deze middelen onmiddellijk inzetten voor de aanpassingswerken en uitbreiding van het gebouw en heeft ze uitgebreide gebruiksrechten.
Erfpacht is het recht om het volle genot te hebben van een onroerend goed, in dit geval de grond en het gebouw, die eigendom is van iemand anders. Door een erfpacht te vestigen op een onroerend goed doorbreek je het recht van natrekking (dit recht houdt in dat de eigenaar van de grond automatisch eigenaar is van alle gebouwen en/of goederen die op de grond worden gevestigd).
In een overleg met KLJ Staden op 25 februari 2020 werd de piste van een erfpacht opnieuw voorgesteld. De jeugdvereniging is de piste van het zakelijk recht, erfpacht, meer genegen dan een eventuele aankoop van het gebouw.
Voor de financiering van de werken kan de KLJ rekenen op een nominatieve toelage van 50.000,00 euro en kunnen ze gebruik maken van een renteloze lening van maximum 100.000,00 euro. De KLJ heeft inmiddels een aanvraag ingediend voor een renteloze lening van 25.000,00 euro.
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het ontwerp van authentieke akte goed, opgesteld door afdeling Vastgoedtransacties, waarvan ontwerp in bijlage bij deze beslissing, tot het vestigen van een recht van erfpacht met vzw MIRZA vanaf 1 november 2021, voor een periode van 40 opeenvolgende jaren op de percelen kadastraal gekend onder Staden, 1ste afdeling Sectie A deel van Nr. 2N2 en volgens meetplan opgesteld door het landmeterskantoor Geomex.
Artikel 2
Een afschrift van dit besluit wordt gehecht aan de authentieke akte, om er één geheel van te maken.
De gemeente wil Stadense verenigingen de ruimte geven om eigen infrastructuur uit te bouwen, uit te breiden of te onderhouden, en wil zo de werking van haar verenigingsleven een warm hart toedragen. Vaak ontbreekt het de verenigingen aan voldoende financiële middelen om projecten zelf te bekostigen.
KLJ Staden is al jaren vragende partij voor een lokaal in eigen beheer. Na meerdere overleggen tussen het gemeentebestuur en vzw Mirza is er gekozen voor een erfpacht waarbij het stationsgebouw Vijfwegen in beheer van vzw Mirza komt. De huidige infrastructuur van het stationsgebouw Vijfwegen is sterk verouderd en dringend aan vernieuwing toe. Vzw Mirza wenst de nodige renovatiewerken uit te voeren alsook een uitbreiding van de infrastructuur.
Het voorstel is doorgesproken met vzw Mirza op diverse overlegmomenten. Voor de realisatie van de nieuwbouw wenst de vzw beroep te doen op volgende middelen:
De vzw is vrij om eigen middelen te besteden. En voor de renteloze lening wordt beroep gedaan op het bestaande reglement. Maar voor de toekenning van de nominatieve toelage is het aangewezen een protocol op te stellen die een aantal afspraken duidelijk vastlegt. Het voorstel van protocol wordt nu ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
De deskundige Jeugd, de algemeen directeur en de financieel directeur bundelden de krachten om een voorstel van ontwerp 'Protocol investeringstoelage vzw Mirza' uit te werken. Het protocol legt een aantal afspraken en verplichtingen vast voor beide partners voor de aanwending en toekenning van de nominatieve toelage. In een notendop gaat het over volgende bepalingen:
Het gedetailleerde overzicht van bepalingen vind je in het voorstel 'Protocol investeringstoelage vzw Mirza' in bijlage. Na goedkeuring van de gemeenteraad wordt het protocol ondertekend door beide partijen. Het ondertekende protocol moet zorgen voor een goede verstandhouding en correcte verantwoording bij de aanwending van de nominatieve toelage.
Burgemeester Francesco Vanderjeugd licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het ontwerp 'Protocol investeringstoelage vzw Mirza' goed.
Volgens het Vlaamse regeerakkoord moeten tegen 1 januari 2023 sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM's) en sociale verhuurkantoren (SVK's) één woonactor vormen met als doel dat er in iedere gemeente maar één sociale verhuurder meer actief is: de woonmaatschappij.
Elke woonmaatschappij telt minimaal 1000 sociale woningen en moet in een uniek, niet-overlappend werkingsgebied opereren. Er wordt aldus gestreefd naar woonmaatschappijen die in meerdere gemeenten werkzaam zijn. De regelgeving laat wel toe om subregionaal comités op te richten. Op die manier kunnen lokale besturen uit grote werkingsgebieden voldoende betrokken worden bij de strategische en operationele keuzes van de woonmaatschappij.
De Vlaamse Regering wenst met de vorming van de woonmaatschappij:
In een eerste stap in het proces tot oprichting van de woonmaatschappij moet het werkingsgebied worden vastgelegd. Bij het bepalen van deze werkingsgebieden, krijgen de lokale besturen een trekkersrol. Ten laatste op 31 oktober 2021 dienen de lokale besturen een voorstel van werkingsgebied in te dienen. Dit voorstel dient in onderling overleg met andere lokale besturen te zijn bereikt, besproken te zijn op het lokale woonoverleg en gedragen te zijn door de gemeenteraad.
Op 12 maart 2021 keurde de Vlaamse Regering de afbakening van referentieregio’s goed. Deze dienen het afstemmingsniveau te worden voor alle vormen van intergemeentelijke samenwerking. In zijn brief van 18 maart 2021 gaf de minister van wonen aan dat het werkingsgebied van de woonmaatschappijen binnen de referentieregio moet vallen of er mee moet samenvallen. Voorts moet het werkingsgebied uit geografisch aaneensluitende gemeenten bestaan. Afwijkingen op deze principes zullen slechts in zeer uitzonderlijke situaties in overweging genomen worden door de Vlaamse Regering.
De gemeente streeft een integraal woonbeleid na, met aandacht voor alle aspecten van het duurzaam, lokaal sociaal woonbeleid.
In het voorjaar 2021 waren er diverse besprekingen tussen de lokale besturen van de regio Midwest onderling en tussen de lokale besturen en de woonactoren op het niveau van de voorliggende werkingsgebieden.
Er werd een gezamenlijke regionale visie op de afbakening van werkingsgebieden voor 3 woonmaatschappijen geformuleerd door de 17 gemeenten en steden uit de referentieregio Midwest. Deze visie werd opgebouwd met respect voor de autonomie van elke betrokken gemeente en rekening houdend met de morfologie van de gemeenten, de werking van de huidige woonactoren inclusief de spreiding van hun patrimonium (zie tabel in toelichtende nota) en ook met de huidige intergemeentelijke samenwerkingen rond wonen.
Tijdens het lokaal woonoverleg van 21 oktober 2021 wordt overgegaan tot bespreking van het voorstel tot afbakening van de werkingsgebieden van de toekomstige woonmaatschappijen in de Midwest.
Deze visie van regionale afbakening werd ook besproken tijdens zitting van het college van burgemeester en schepenen van 14 oktober 2021.
In dit voorstel sluit de gemeente Staden aan bij het werkingsgebied van de toekomstige woonmaatschappij die wordt gevormd samen met volgende gemeenten: Ardooie, Hooglede, Ingelmunster, Izegem, Ledegem, Lichtervelde, Moorslede, Roeselare en Staden (regio Roeselare-Izegem). Dit werkingsgebied telt 3479 sociale huurwoningen van de sociale huisvestingsmaatschappijen en 737 woningen die op de private markt zijn verhuurd (huidige SVK-woningen) (data van 31 december 2020).
De regelgeving schrijft voor dat de gemeenten die samen het werkingsgebied vormen over minimaal 50 % +1 van de stemrechten beschikken en dat de overige stemrechten (= max. 50%-1) worden verdeeld over de publieke (Vlaams gewest, provincie) en private aandeelhouders. Aan de gemeenten wordt gevraagd om bij hun voorstel tot afbakening van de toekomstige woonmaatschappij ook reeds in te gaan op de verdeling van de stemrechten tussen de lokale besturen en dit op basis van objectieve criteria in functie van het sociaal woonbeleid.
Er zijn hieromtrent geen financiële gevolgen voor de gemeente.
Schepen Joeri Deprez licht het agendapunt toe.
Raadslid Hans Mommerency merkt op dat het over een complex dossier gaat. Het raadslid wil wat verdere duiding omtrent dit dossier. Vooral inzake de mogelijke uitzondering op de regiovorming maakt het raadslid zich wat zorgen.
Raadslid Ludwig Willaert stelt zich de vraag wat de meerwaarde is van deze nieuwe constellatie.
BESLUIT:
Artikel 1:
Met de gemeente Staden sluiten we aan bij het werkingsgebied van de toekomstige woonmaatschappij dat wordt gevormd samen met volgende gemeenten uit de regio: Ardooie, Hooglede, Ingelmunster, Izegem, Ledegem, Lichtervelde, Moorslede en Roeselare.
De gemeente Staden verkiest aansluiting te zoeken bij een toekomstige woonmaatschappij die haar werking heeft buiten het referentiegebied, inzonderheid de toekomstige woonmaatschappij waarin ook SHM De Mandel participeert.
Artikel 2:
De gemeente Staden gaat akkoord dat het aantal sociale huurwoningen en het aantal huishoudens zullen worden gehanteerd als objectieve criteria voor de stemrechtenverdeling tussen de betrokken gemeenten in de Algemene Vergadering en dit volgens de verhouding 60 % voor het aantal sociale huurwoningen en 40 % voor het aantal huishoudens, uitgesplitst in 20 % voor het absolute aantal huishoudens en 20% voor een correctie kleine gemeenten waarbij gemeenten per begonnen schijf van 10.000 huishoudens 1 punt krijgen.
Gemeente Staden gaat akkoord dat een gemeente of stad nooit 50% of meer van de stemrechten kan bekomen. Desgevallend wordt afgetopt op 49,9% van de stemrechten waarbij de reststemmen worden verdeeld over de andere gemeenten aan de hand van de hierboven beschreven criteria en verhoudingen .
Dit voorstel van stemrechtenverdeling zal opgenomen worden in het aanvraagformulier.
Artikel 3:
De deelname van de gemeente in de intergemeentelijke samenwerking wordt tijdens de lopende legislatuur behouden.
Artikel 4:
Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan VMSW via woonmaatschappij@vmsw.be en een kopie aan DVV Midwest.
Artikel 5:
Deze beslissing wordt eveneens ter kennis gebracht van de provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Er bestaat al een langdurige samenwerking tussen de verschillende woon- en welzijnsactoren. Deze samenwerking werd echter nooit eerder geformaliseerd.
Het Samenwerkingsprotocol Wonen - Welzijn is een tweeledige verruiming ten opzichte van de huidige samenwerking:
Het samenwerkingsprotocol dat nu ter goedkeuring voorligt, behelst alle aspecten waar een kandidaat sociale huurder of zittende sociale huurder mee geconfronteerd wordt met het oog op het verkrijgen of het behouden van een sociale woning. Door het maken van goede en duidelijke afspraken tussen de welzijnsdiensten en sociale huisvestingsactoren, het creëren van een diepgaande samenwerking en het bieden van een pro actieve dienst - en hulpverlening beogen we dan ook dat de kandidaat sociale huurder op een vlotte wijze een sociale woning kan verkrijgen en de zittende sociale huurder, ondanks mogelijke tegenslagen, er toch in slaagt om de sociale woning te behouden.
Het Samenwerkingsprotocol Wonen Welzijn is een overeenkomst tussen het OCMW, het CAW Centraal West Vlaanderen, het Sociaal Verhuurkantoor Regio Roeselare, de Sociale Huisvestingsmaatschappij De Mandel en de Woondienst Regio Roeselare.
De doelstellingen van dit protocol zijn:
Artikel 40-41 van het decreet lokaal bestuur.
In het samenwerkingsprotocol worden alle aspecten waar een kandidaat sociale huurder of een sociale huurder mee geconfronteerd wordt behandeld. Per aspect wordt duidelijk opgenomen welk engagement elke partner neemt. Naast het protocol werd eveneens een afsprakennota opgemaakt met als doel de formele afspraken welke zijn opgenomen in het protocol verder te concretiseren zodat de verwachtingen ten aanzien van elke partner zeer duidelijk zijn. In de afsprakennota wordt eveneens opgenomen wanneer de afgesproken werkwijze ingaat.
De verschillende aspecten zijn:
Dit protocol kwam tot stand na diverse overlegmomenten met alle betrokken actoren onder leiding van de Woondienst regio Roeselare.
Schepen Joeri Deprez licht het agendapunt toe.
BESLUIT:
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt het samenwerkingsprotocol Wonen-Welzijn Staden goed, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit.
Artikel 2:
Dit samenwerkingsprotocol en afsprakennota treedt in werking vanaf 1 december 2021.
1. Raadslid Marc Van Ysacker heeft een vraag over het fietspad van de Roeselarestraat. Er is wat plak- en stakwerk gebeurd op een aantal betonovergangen. Het aanbrengen van de asfalt geeft niet echt veel verbetering. In plaats van putten zijn er nu bulten. Waarom werd niet overgegaan tot het affrezen vooraleer asfalt te vernieuwen?
Het raadslid herhaalt ook zijn opmerking van vorige gemeenteraad inzake de Slijperstraat. Ook daar is de overgang niet echt fietsvriendelijk. De overgang is gemaakt als waarschuwing voor de automobilisten dat ze in zone 30 aankomen maar voor de fietsers is het dus een moeilijke overgang.
2. Raadslid Ludwig Willaert merkt op dat de octopussen, indien je ze uittrekt, in de Slijperstaat aan de verkeerde kant staan (in kader van de schoolstraat).
3. Raadslid Hans Mommerency maakt een opmerking inzake de coronasituatie in onze gemeente. Is er overwogen om een aantal extra maatregelen te nemen? Raadslid Sarah Van Walleghem informeert naar de stand van zaken in de scholen van onze gemeente.
4. Raadslid Jan Depla informeert naar de stand van zaken over de onderhandelingen voor de school Roeselarestraat.
Sluikstorten en zwerfvuil zorgt voor grote frustaties bij buurtbewoners. Het gaat dan om het sluikstorten van zakken, elektronische apparaten, steenpuin, glas, potten en pannen, brandbaar grofvuil, ... of het achterlaten van zwerfvuil op verschillende locaties.
Er werden reeds diverse sensibiliserende acties ingericht.
Helaas blijven er, ondanks diverse maatregelen, toch meldingen komen van sluikstorten en zwerfvuil.
In de gemeenteraad van 26 oktober 2017 werd beslist over te gaan tot samenwerking met MIROM inzake het plaatsen van mobiele camera's in de strijd tegen zwerfvuil en sluikstorten.
In de beslissing van 26 oktober 2017 werd mevrouw Berdieke Ooms aangesteld als GAS-vaststeller.
Bij brief van 20 september 2021 wordt vanuit MIROM gemeld dat er een tweede medewerker de opleiding tot GAS-vaststeller volgde. Om effectief vaststellingen te kunnen doen op het grondgebied van de gemeente Staden, dient hiervoor toestemming gegeven te worden door de gemeenteraad.
BESLUIT:
Artikel 1:
mevrouw Ine Sibiet, dienst openbare netheid – MIROM Roeselare, wordt aangesteld als GAS-vaststeller op het grondgebied van Staden teneinde vaststellingen te kunnen doen in het kader van sluikstorten en zwerfvuil.
De voorzitter sluit de zitting op 28/10/2021 om 21:50.
Namens gemeenteraad,
Tine Dochy
algemeen directeur
Martine Zoete
voorzitter